De verklaring van Rome: een zielloos verhaal

Conclaaf over 60 jaar Europese Unie

Op 25 maart 2017 werden de burgers van de overblijvende EU-lidstaten beledigd door een verklaring van de regeringsleiders en de EU-dignitarissen, in conclaaf bijeen in Rome om het 60-jarige bestaan van de EU te vieren. “Vandaag zijn wij verenigd en versterkt: honderden miljoenen mensen in heel Europa genieten de voordelen van het samenleven in een uitgebreide Unie die de oude scheidingslijnen heeft overwonnen.” Hé, hebben ze iets gemist? Engeland gaat er toch uit? Oude scheidslijnen tussen oost en west herleven toch weer? Deze oppepper mist zijn doel.

Rommeltpotje

Er worden ook vreemde beloften gedaan: “een Unie met een efficiënt, verantwoord en duurzaam migratiebeleid met eerbied voor de internationale normen”. Mooi doel, maar het enige wat tot nu toe is gelukt is de stroom migranten uit Turkije bepreken en de Grieken en Italianen met de opvang laten zitten. Er worden ook dingen gezegd die niet tot het EU terrein behoren: “een Unie die de strijd aangaat met werkloosheid, discriminatie, sociale uitsluiting en armoede”. Allemaal zaken die de lidstaten doen. En dan is er nog van dat irritante enerzijds-anderzijds proza: “een Unie die streeft naar het versterken van haar gemeenschappelijke veiligheid en defensie, ook in samenwerking en complementariteit met de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, rekening houdend met nationale omstandigheden en juridische verbintenissen”. Dat wil zeggen: ieder doet zijn eigen ding en we zien wel hoe het verder gaat.

Blind de toekomst in

Ik lees ook in de verklaring dat onverdroten wordt doorgegaan met onbeperkt toelaten van nieuwe lidstaten, dat de economieën van lidstaten naar elkaar toegroeien, en dat de economische en monetaire unie worden voltooid. Nee, in Nederland is geen Oekraïne  referendum geweest en de relaties met Turkije zijn opperbest. Nee, Griekenland en Portugal doen het uitstekend, Frankrijk hervormt als een duivel. Nee, met de Euro is helemaal niks aan de hand.

Rijstebrij

In het hele verhaal is ook onduidelijk wie er tot ons spreekt. De sprekers zijn de lidstaten, de Europese Commissie en het Europees Parlement tezamen. De onderwerpen gaan kennelijk door iedereen gezamenlijk worden aangepakt. Deze rijstebrij is onverteerbaar. Net zo onverteerbaar en onnavolgbaar als de constructie van de Europese Unie is geworden, met zijn bovennationale instellingen, met zijn lidstaten als eigenwijze onderaannemers die tegelijk de baas zijn, en zijn groepjes lidstaten die op Europees niveau democratisch ongecontroleerd hun eigen weg zoeken. Als iedereen overal voor verantwoordelijk is valt niemand ergens voor ter verantwoording te roepen.

De oplossing van Wittgenstein

Wij burgers zijn niet zo dom als het lijkt. Wij willen in helder proza door een menselijke stem worden toegesproken. Hier helpt het woord van Wittgenstein (Tractatus, 6.43): ”Wovon man nicht sprechen kann,  darüber muss man schweigen.”

 

“Zorg dat de EU deze aanval te boven komt”

 

Mevrouw De Gruyter legt uit

Mevrouw De Gruyter zegt in de NRC van 18 februari 2017: “Zorg dat EU deze aanval te boven komt”. Zij meent dat problemen die mensen zien of ervaren door de globalisering, en die zich overal ter wereld voordoen, in Europa ten onrechte aan de EU worden verweten. Onze politici helpen dit verwijt een handje door op Brussel in te hakken. Maar het zijn deze politici die er zelf in Brussel een puinhoop van hebben gemaakt, bijvoorbeeld door geen sterke grenswacht te willen maar wel vrij verkeer (Schengen). In het algemeen: “Landen geven [de EU] taken, maar geen macht en middelen om die goed te doen.” Als handelsblok was de EU succesvol “[o]mdat landen Brussel namens hen lieten spreken.” In de jaren negentig ging dat anders, en hielden regeringen veel besluitvorming in eigen hand, zoals met Schengen en de Euro. Kortom, wil de EU weer succes boeken dan moet de EU duidelijke, misschien beperktere, taken krijgen en macht om die uit te voeren.

De EU mist uitvoeringsmacht

Ik kan het hier grotendeels mee eens zijn. (Zie blogbericht mijn Kleiner maar sterker – toekomstvisie voor de EU, d.d.11 februari 2017). De EU mist uitvoeringsmacht van supranationale aard op een groot aantal terreinen die de laatste jaren heel belangrijk zijn geworden. Ik noem er een aantal: bewaking van de buitengrenzen, politie- en justitiesamenwerking, handhaving van gezondheidsnormen (vuiluitstoot van motoren), controle op EU-subsidies, beperken van belastingontwijking, nakomen van afspraken over overheidsuitgaven (60% staatsschuld en 3% begrotingstekort) en verdeling van immigranten over Europa (in plaats van Italië, Griekenland en Duitsland de problemen te laten opknappen). De lidstaten zijn een groot deel van het probleem. Wat velen voorstellen is dus de kwaal verergeren. Een voorbeeld is Minister Koenders, die pleit voor een grotere rol voor de lidstaten (AD van 27 januari 2017) Het is vooral belangrijk dat aan de beleidsuitvoering aandacht wordt besteed omdat daar niet veel ideologie voor nodig is. Niet veel meer dan “doen wat is afgesproken”.  Maar dat kan je niet aan de vrijwillige inzet van de deelnemers overlaten; het hemd is immers nader dan de rok. Ik heb het niet over “meer Europa” maar over een effectiever Europa. Dan zullen velen zeggen dat dit soevereiniteitsoverdracht vraagt. Maar dat zie ik als een afleidingsmanoeuvre als je bedoelt dat je het niet met het (Europese) beleid eens bent maar dat je je zin niet hebt gekregen.

Bord EU is overvol

Waar meer de nadruk op gelegd zou moeten worden is het beperken van het overvolle bord van de Europese Unie. Grensoverschrijdende thema’s moeten voorop staan. Daarnaast is de Euro zo langzamerhand een enorm probleem geworden, een echte splijtzwam. Terug naar de gulden is overschatting van onze macht, we moeten een munt hebben samen met Duitsland en andere gezonde economieën. Een Neuro wellicht.

EU vraagt om leden die zich verwant voelen

In het artikel van Caroline de Gruyter wordt wel erg onderschat dat de EU ook wordt gezien als een ongrijpbaar lichaam dat zich steeds ongecontroleerd uitbreidt met leden waarmee mensen weinig verwantschap voelen. En dat gevoel is voor een sterke club juist belangrijk. De toetreding van Oost-Europese landen was begrijpelijk, want die kwamen uit de omknelling van de Sovjet unie en verdienden een nieuwe toekomst; bovendien moest Rusland zijn grenzen gaan (er)kennen. Maar geleidelijk blijken de risico’s: Er zijn landen bijgekomen met sterke nationalistische bewegingen (zoals Polen en Hongarije), en de rechtsstaat is daarbij in gevaar, met name pers en rechterlijke macht. Ik zie Europa, ondanks heldhaftige taal van Commissaris Timmermans, daar niet effectief tegen optreden. Een ander geval waarbij dit speelt is de uitbreiding van de EU. Toetreding van Turkije zou betekenen dat een overwegend islamitisch land, met evenveel inwoners als Duitsland en een ijzersterke eigendunk, de psychologische en politieke balans in de EU geheel zou veranderen, zeker nu Engeland ons wil verlaten. Stoppen met uitbreiden is nodig, en de open uitnodiging in het EU-verdrag aan landen die lid willen worden moet er uit.

Kortom, mevrouw De Gruyter heeft een goed verhaal met een puike oplossingsrichting, maar er zijn drastischer maatregelen nodig om iets van de EU overeind te houden.

Make the European Union smaller but stronger

Elections without much debate about the EU

On March 15 general elections will be held in The Netherlands. Surprisingly, the future of the European Union is only a minor subject –  only competition from Eastern European labourers and transport firms gets attention. Immigration, care for the elderly, old age pensions and unemployment are among the favourite national subjects.

The outside world is more dangerous than before. The future of the EU after Brexit is very uncertain and should be debated. Some member states have strange interpretations of the rule of law. Conflicts about refugees tear the EU apart. Some political parties take the populist stance of leaving the EU, or at least leaving the Euro zone. Since the Dutch Ukraine Referendum in 2016, support for the EU still carries the majority, but opponents raise their voices more effectively than supporters.

A middle road is lacking

Visions of the future of the EU are hard to find. Extreme and simplistic ideas are leaving the EU or letting the EU explode, and on the other hand a forced march towards a European Federation. A middle road of some substance is absent. Loose ideas have come up, such as pleas for a stronger role of the member states. That is a dead end because the member states already have great weight and are strongly divided over many issues. Others propose “a more social Europe” which undoubtedly will generate conflicts with those member that have strong welfare states.

The EU could crumble

It would be a shame when the EU would crumble before our eyes. The Netherlands, big in self-consciousness but small in size, needs cooperation with many other countries. We could leave the EU, but we cannot separate ourselves from Belgium and the Rhine, or from Google, Shell and Microsoft.

The present EU is not working well. The easiest way is muddling through[i] but citizens demand a clear perspective. Leaving the EU is a kamikaze act with unknown effects. A federal state is unthinkable for the time being, because not many countries have that ambition. In any case, cultural, economic and political differences between European nations are far too big to bridge in a federation.

Outline of a middle of the road solution

We need a smaller but stronger European Union.  This means:

  1. Core members and associate members

The EU will consist of a core of like-minded states with mature democracies and healthy economies. (I think of The Netherlands, Germany, and the Scandinavian countries. The United Kingdom naturally belongs to this group but prefers to play outside any league.) Cooperation in the single market is central; further subjects for strong cooperation are agreed upon by these core members.
Beside the core there are associate members with whom the single market is shared. Trade is a natural subject to agree on with many other countries. Other subjects are more difficult, like education, crime, worker’s rights and finance and require like-minded people. That is also a reason for me not wanting the EU to expand further, including countries that are culturally and politically very far from us.

  1. A restricted list of subjects of close cooperation and an alternative for the Euro

Close cooperation in the EU needs a list of subjects of which the necessity of cooperation can be made explicit to the public. Subjects outside of the list are not in the EU’s remit. To my mind this concerns security[ii], transport, energy, climate change, migration and higher education and research.
Is the Euro also on the list? The single market has brought us far more advantages than the Euro. The common currency has become a divisive element. Major members like France and Italy lag behind in reforming their economies. The debts in the European Central Bank are dazzling. Budget cuts have hit citizens of many countries very hard, The Netherlands included, while the commercial banks were saved at public expense.[iii] Before returning to national currencies a more restricted Euro, e.g. only for the core members, should be considered.

  1. Stronger through more supranational policy implementation

The EU is a very complex organisation that produces an enormous amount of policies. It is the largest free trade bloc in the world, which gives the Union much weight (e.g. in WTO). However, most policy implementation is in the hands of the member states. (That is why, contrary to popular belief, EU’s bureaucracy is small.) A weakness of the EU lies in the many disagreements among its members, which are endemic, but also in policy implementation. “Dieselgate” made it clear that member states with a strong car industry don’t favour strong emission standards and prefer national  not independent controls on industry. Health is not the most important EU concern. When we consider immigration, the large influx of refugees from the Middle East and Africa made it clear that a strong Coast Guard is necessary. All member state that border on a sea have one. But the European Coast Guard (Frontex) is only beginning to develop some force and depends on the benevolence of the member states. A fully fledged Frontex is necessary, with sufficient direct funding and a strong mandate. Similar supranational institutions are needed for other subjects that ask for concerted action, like international crime.

 

Smaller: Core members and associate members; restricted list of subjects

Stronger: Policy implementation by supranational organisations with direct funding and a strong mandate.

It can be done.

 

[i] Rabobank has published a useful report, De toekomst van Europa, February 9, 2017. It presents four scenario’s: Muddling Through, Disintegration, Closer Union, and Two Tempi.

[ii] For the time being, NATO is the most important carrier of security cooperation, on condition that Europe lives up to its promises (spending 2% of national income on defence).

[iii] Budget cuts in the Euro countries have been translated by many citizens into resistance to the EU as such. Governments didn’t explain that the Euro zone is run by member states and not by “unelected” Brussels bureaucrats. The Netherlands was at the forefront of the harsh budget cuts policy. See Simon Otjes, “How the eurozone crisis reshaped the national economic policy space: The Netherlands 2006-2012”, in Acta Politica, vol. 51 no. 3, 2016, p. 273-297.

Kleiner maar sterker – toekomstvisie voor de EU

Een duidelijke tussenweg ontbreekt

In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 15 maart 2017 is de EU een ondergeschikt onderwerp. Terwijl miljarden worden toegezegd voor de zorg en voor lastenverlaging is de vraag, hoe wij in de toekomst aan geld komen en hoe wij in de wereld staan, nauwelijks onderwerp van debat. De economie verandert razendsnel (groter gewicht van China, robotisering, vergrijzing). De buitenwereld wordt bozer (Rusland, Amerika, Islamitische Staat).

Extreme oplossingen worden voorgesteld, zoals het verlaten van de EU, of het verder stevig gaan op weg naar een Europese federatie. Luidruchtige en in aanhang groeiende politieke partijen kondigen een vertrek uit de EU aan, terwijl de voorstanders van “blijven” geen krachtig verhaal vertellen. Daartussenin blijft het vaag. Sommigen pleiten voor een grotere rol voor de lidstaten, wat een doodlopende weg is omdat de lidstaten al veel macht hebben en onderling verdeeld zijn. Anderen willen beperkingen op het werknemersverkeer en vragen een socialer Europa. Weer anderen willen dat Europa investeert in de toekomst, vooral in banen. Binnen de Europese Unie lopen de spanningen op. Het Verenigd Koninkrijk gaat er uit; de vluchtelingenstroom leidt niet tot een duidelijke oplossing en Italië en Griekenland mogen het zelf uitzoeken; sommige lidstaten nemen de rechtsstaat niet meer serieus; sancties tegen Rusland liggen onder vuur.

Laat de EU niet verkruimelen

De EU zal zo onder onze handen verkruimelen. En dat is zonde. Nederland heeft samenwerking met vele andere landen nodig in het geweld van de grote jongens. We kunnen ons wel losmaken van de EU, maar niet van België, de Rijn, of van Google, Shell en Microsoft.

De huidige EU voldoet echter niet. Doormodderen[i] is gemakkelijk maar helpt niet. Burgers willen een duidelijk perspectief. De EU uit of de EU uit elkaar laten vallen zijn allebei slechte oplossingen. Voorwaarts naar een federale staat is (politieke) zelfmoord, want weinig landen willen dat nog en de verschillen tussen de EU lidstaten zijn groot en leiden in een federatie alleen maar tot meer botsingen.

Toekomstvisie

Wat we nodig hebben is een kleinere maar sterkere Europese Unie.

1. Kernleden en geassocieerde leden

De EU krijgt een kern van gelijkgestemde landen met volwassen democratieën en gezonde economieën. (Ik denk in de eerste plaats aan Nederland, Duitsland en de Scandinavische landen. Engeland hoort daar bij maar wil even buiten spelen.) Samenwerking op andere terreinen dan de interne markt wordt vorm gegeven door die kernlanden.
Daarnaast zijn er andere, geassocieerde leden met wie in de eerste plaats de interne markt wordt gedeeld. Over handel kan je namelijk met heel veel landen goede afspraken maken. Maar moeilijkere onderwerpen, zoals onderwijs, criminaliteitsbestrijding, verkeer, werknemersrechten en financiën vragen om gelijkgestemde mensen. Daarom moet de EU niet verder uitbreiden met landen die cultureel en politiek ver van ons afstaan of die economisch en bestuurlijk zwak zijn.

2. Een limitatieve lijst onderwerpen waarop vergaand samengewerkt wordt en een alternatief voor de Euro

Er moet een limitatieve lijst worden gemaakt van onderwerpen waarvoor de EU optreedt omdat samenwerking noodzakelijk is. En dus niet over andere onderwerpen. Wat noodzakelijk is valt goed aan de burgers uit te leggen. Ik denk aan veiligheid[ii], transport, energie, klimaat, migratie, en (hoger) onderwijs en onderzoek. Andere onderwerpen, zoals pensioenen en gezondheidszorg kunnen beter bij de lidstaten blijven.
Ook de Euro? De gezamenlijke interne markt heeft ons veel meer voordelen gebracht dan de Euro. De Euro is helaas een splijtzwam geworden. Grote landen als Italië en Frankrijk hervormen nog steeds onvoldoende. De schulden bij de ECB zijn torenhoog. De bezuinigingen vanwege de crisis hebben de bevolking van veel landen, ook van Nederland, hard getroffen, terwijl de banken werden gered.[iii] Een alternatief voor het afschaffen van de Euro is een Euro alleen voor de kernlanden.

3. Sterker door meer supranationale uitvoering

De Europese Unie is een heel complexe organisatie die veel beleid maakt. De Unie is het grootste vrijhandelsblok ter wereld en dat maakt de Unie invloedrijk (b.v. in de WTO). De Unie treedt ook op als blok bij de klimaatonderhandelingen (Verdrag van Parijs). Het grootste deel van de uitvoering van het beleid wordt echter door de lidstaten gedaan. De zwakte van de Unie zit in de politieke verdeeldheid tussen de lidstaten over allerlei onderwerpen, maar zeker ook in de uitvoering. “Dieselgate” maakte duidelijk dat landen met een flinke auto-industrie geen zin hebben in strenge normen die de gezondheid beschermen en zeker niet in sterke, onafhankelijke controles op hun industrie. Bij de uitvoering van subsidieregelingen gaat er veel mis (o.a. door corruptie), maar de belanghebbende lidstaten willen het hun burgers en bedrijven niet al te moeilijk maken. Voor het beheersen van de migratiestromen is een kustwacht onontbeerlijk. Ieder land aan zee heeft er een. De Europese Kustwacht (Frontex) begint een beetje vorm te krijgen, maar hangt te veel af van de welwillende bijdragen van de lidstaten. Er is een Europese, volwaardige Kustwacht nodig, met voldoende middelen en mandaat. Net als onafhankelijke typekeuring van auto’s.
Voor zulke lastige onderwerpen moet de uitvoering supranationaal geregeld worden.

 

 

[i] De Rabobank heeft een mooie studie gedaan, De toekomst van Europa, verschenen op 9 februari 2017. Vier scenario’s worden verkend: Doormodderen, Uiteenvallen, Verdieping, en Twee snelheden.  Dat zijn volgens mij ongeveer de smaken die je kunt bedenken. ”Twee snelheden” (EU met een beperkte groep kernlanden en verder perifere leden) spreekt mij het meest aan.

[ii] De NATO is voorlopig het belangrijkste voertuig, maar de Europese landen kunnen daarbinnen beter samenwerken en meer geld uitgeven (volgens afspraak: 2% van het nationaal inkomen).

[iii] De bezuinigingen in de Eurolanden hebben veel burgers vertaald in verzet tegen de Europese Unie. Dat is begrijpelijk, al vergeet men dat de Euro echt een samenwerkingsverband van staten is en geen “ongekozen” Brusselse bureaucratie. Nederland liep met Duitsland voorop in het harde bezuinigingsbeleid. Zie Simon Otjes, “How the eurozone crisis reshaped the national ecnomic policy space: The Netherlands 2006-2012”, in Acta Politica, vol. 51 no. 3, 2016, p. 273-297.

A different Europe – Reaction to Dutch Minister Koenders

Bigger role for member states is a dead end

The Dutch Minister of Foreign Affairs, Koenders, has asked the readers of a newspaper (Algemeen Dagblad) to write down their wishes for Europe in the future. Contra President Trump, he thinks the EU has a future. For him it all begins with a stronger role for the member states.

For me, this is a dead end. For over twenty years the member states are at the steering wheels of the EU, much more than the European Commission. Policies often took the form of agreements between member states, each managing their own business. Especially in the Euro zone this has led to disastrous results. The “strict” budget and state debt norms have been violated time and again. By the major states of Germany and France in the first place, later by Portugal, Spain and Greece. Italians banks will be rescued with state money, contrary to European rules (see my blog about Banca Monte dei Paschi, December 14, 2016). Member states use to pick and choose whatever suits best their interests, e.g. subsidies for farmers and weak regions, and giving room to foreign companies that are happy to withhold taxes from other member states.

A selective program

In my view, small countries like The Netherlands, Europeans need cooperation. We are fully connected to the world; a large part of our money is earned through international trade (e.g. 2nd largest exporter of agricultural products and services in the world). Autarky never was a good option and will be even less so in the future. However, the present EU is too comprehensive and has too many member states of very different backgrounds and political views. Its institutional structure, though praised by some as “sui generis”, is becoming unworkable and anti-democratic. In the economic domain a free trade zone would be the first step, including the United Kingdom, Norway and Switzerland. This implies the free movement of goods and services, but the free movement of capital and people  should be restricted. In the defence domain cooperation inside NATO is for the time being the most practical thing. Member states should start paying much more than now; Trump is right in this respect. Cooperation in other fields should be organized with a limited number of neighbours, e.g. for transport with Germany, Belgium, France, Italy and the UK. Financially, the Euro has caused deep divisions inside the EU and brought southern member states on the verge of bankruptcy. An alternative must be developed for states that have a healthy economy and similar views on budget management. It could be a ”Neuro” for Germany, Belgium (Flanders), The Netherlands and Austria.

This is the core of my program. Comments are welcome.

 

Een ander Europa- antwoord aan Koenders

Een ander Europa gevraagd

Minister Koenders vraagt (Algemeen Dagblad, 27 januari 2017) om wensen van lezers voor Europa. Hij kiest zelf voor een “andere” Europese Unie, waarin de lidstaten centraal staan. Dat is een doodlopende weg. Sinds ruim twintig jaar staan de lidstaten al voorop. Wat bijvoorbeeld niet heeft gewerkt is het systeem van onderlinge afspraken tussen de lidstaten over de begrotingen van de Euro-landen. Duitsland en Frankrijk kwamen al snel weg met afwijkingen, Portugal en Spanje zijn laatst ook ontzien. De Italiaanse banken worden met staatsgeld gered, en niet hervormd. Nee, de lidstaten halen uit de EU wat voor zichzelf profijtelijk is, zoals subsidies voor de boeren en zwakke regio’s, en vestiging van buitenlandse bedrijven die van onbehoorlijke belastingvoordelen profiteren.

Europa als vrijhandelszone en een kleine unie met de buren

Mijn visie is dat Europese samenwerking inderdaad noodzakelijk is voor een klein land als Nederland, dat zijn geld voor een flink deel door im- en export verdient. Autarkie heeft al nooit gekund maar nu minder dan ooit. De huidige EU is echter te veelomvattend. Hij moet eerst worden omgevormd tot een grote vrijhandelszone, waar Engeland ook bij kan horen. Vrij verkeer van goederen en diensten, maar niet van kapitaal en mensen. Defensiesamenwerking blijven we in de NAVO doen (en er meer voor betalen!). Vervolgens is samenwerking op andere terreinen met een beperkt aantal landen nuttig. Onze buren zijn daarbij het belangrijkste: Duitsland, België, Engeland. Samenwerking op het gebied van infrastructuur, luchtvaart, criminaliteit, onderwijs. Financieel moeten we een alternatief voor de Euro vinden. De Euro heeft eerder de conflicten en de risico’s binnen de EU vergroot dan de welvaart versterkt. Denk aan een Neuro voor Nederland, Duitsland, België. Dit is de kern van mijn programma.

 

Saving Banca Monte dei Paschi or saving the Euro

New rules for banks put to the test

Monte dei Paschi, Italy’s oldest bank, is in dire need of new capital (NRC Handelsblad, 12-10-2016). Recent EU rules prevent saving banks with taxpayers’ money. One would think that Italian populists applauded that rule. But they don’t, because many shareholders are people with a small purse. Beppe Grillo wants to save them. I understand that, but should we applaud a fresh rule being diverted? EU member states are good at that as soon as their own interests are in peril. Italy is facing new elections, as are other EU countries. Populist parties are expected to produce spectacular results in 2017.

A new test for Europe

Here we have a new test for Europe. There are two possibilities. When the Italian government chooses to abstain the Banca and other banks will suffer, and consequently the rest of the economy. People may lose their pensions. This is all very sad, but a strong lesson is learned. The Netherlands will be hurt too, but we must stay firm. We are in favour of strict EU rules, especially since our Minister of Finance, Dijsselbloem, is president of the Euro group. Those rules are agreements between member states, not unilateral Brussels dictates. The second option is that Italy’s government helps out. The Italian state debt will rise, but the European Central Bank can buy the new debt. No one gets hurt? The necessary reform of Italy’s weak banks doesn’t come nearer and the other Euro countries suffer a high risk to experience a new banking crisis.

Euro-pause for Italy

I have a proposition. If the Italian government supports the Banca other Euro countries should demand Italy’s retreat from the Euro, at least temporarily. In that way a clear line is drawn and rosy promises of reform are not needed. In this way also, the ground is cut from under the feet of populists and our politicians will not be tempted to waver.

Italië uit de Euro?

Bank Monte dei Paschi di Siena heeft geld nodig

De oudste bank van Italië heeft extra kapitaal nodig (NRC 10-12-2016). Volgens de nieuwe regels van de EU mag de bank niet meer door de belastingbetalers worden gered. Je zou denken dat alle populisten in Italië dat toejuichen. Maar dat is niet zo, want de aandeelhouders van deze bank zijn vaak kleine spaarders. En die wil Beppe Grillo ontzien en de Italiaanse staat kapitaal laten verstrekken.  Begrijpelijk, maar gaat er nu toch weer een afwijking van de regel komen? Europese lidstaten zijn daar goed in als het om hun eigen belang gaat. Italië vreest een overwinning van de Vijfsterrenbeweging nu Renzi is afgestraft in het referendum van deze week. Maar ook ander landen houden hun hart vast voor populisten.

Test voor Europa

Deze kwestie is een nieuwe test voor Europa. Er zijn twee mogelijkheden. Als Italië niet bijspringt zullen er veel andere banken onder lijden, en daarna ook de rest van de economie. Mensen zullen hun pensioen kwijtraken. Dat is erg vervelend, maar een harde les. Ook Nederland zal daar last van kunnen krijgen, maar dan moeten we maar op onze tanden bijten. We staan immers voor de Europese regels. Die regels zijn afspraken tussen landen, en minister Dijsselbloem heeft daar een grote rol in gespeeld. Ons parlement heeft ermee ingestemd. De tweede mogelijkheid is dat de Italiaanse regering toch bijspringt. Dan gaat de staatsschuld van Italië omhoog, en dan kan de Europese Bank die opkopen. Geen centje pijn. Behalve schending van de afspraken wordt zo slecht gedrag dubbel beloond. Van de noodzakelijke bankenhervorming komt weinig terecht en de andere Euro-landen lopen een vergoot risico op ene nieuwe bankencrisis.

Duidelijke streep: Italië uit de Euro

Ik wil een voorstel doen. Als de Italiaanse regering toch helpt zouden de andere Euro-landen moeten eisen dat Italië uit de Euro stapt, in elk geval tot de zaken op orde zijn. Dat heeft als voordeel dat er een duidelijke streep wordt getrokken en niet wordt vertrouwd op beloften voor hervorming die later halfzacht zullen blijken te zijn. Een ander voordeel is dat de eurosceptici in Italië het gras voor de voeten wordt weggemaaid en dat tegelijk onze politici de kans op wankelmoedigheid wordt ontnomen.

Good reasons to vote ‘no’ in Dutch Ukraine referendum

flyers-referendum-geenpeil

  • Lessons from electoral research

Radboud University of Nijmegen did electoral research after the Ukraine referendum on April 6 in The Netherlands.[i]  The majority voted ‘no’.[ii] Opponents of the EU-Ukraine Treaty declared the referendum to be one against the EU. In this research that proved to be wrong. Most no-voters did not protest against the EU or the Dutch government. There were two major reasons: 34,1% of the no-voters thought that Ukraine was too corrupt to support, for fear of seeing Dutch money disappearing.  A substantial 16,5% was afraid that the Treaty would open the door to EU-membership. In my view, the research was up to standards. They asked a sample of 2900 households to participate and got a response of 85%.

  • Mistrust in Ukraine

How to interpret the research outcomes? In the first place: Trust is an important factor. Ukraine is not highly trusted: 79% of the no-voters give Ukraine a score of 4 or lower (on a scale of 10). The EU is much more trusted: 37% score 4 or lower, 26% 7 or higher. Trust in Dutch parliament, surprisingly, is highest (35% score 7 or higher). This is also a reason not to see the no-vote as a vote against the EU or the government.

  • Good substantial reasons

Secondly: I think the no-voters have mentioned sound substantial reasons. Corruption: Ukraine is deeply corrupt, and the Treaty intends to do something about that. To be afraid of Dutch money disappearing is not unfounded. Even in original EU member states money disappears in bottomless coffers (e.g. the South of Italy, where decades of support have no brought much progress). It is good to know that many Dutchmen reject corruption, not only in the Ukraine. EU membership: EU membership is not part of the EU-Ukraine Treaty. But the President of the Ukraine dearly wants the become an EU member, and the EU is very open to newcomers. Art. 49 of the EU Treaty invites every European country to apply for membership. Knowing how very weak former Yugoslav states are on their way to become an EU member, being sceptical about Ukraine EU membership is very reasonable.

  • Does this research help Prime Minister Rutte?

The Dutch Prime Minister, Mark Rutte, searches to solve the problem that his government doesn’t want to retreat from the Ukraine Treaty but the voters did. One option is to exclude EU membership through an addendum to the Treaty. If other signatories accept this, Dutch no-voters might be satisfied. But membership was no their main problem. That was corruption. Corruption in Ukraine cannot be ruled out by addendum.

[i] Het Oekraïne-referendum. Nationaal Referendum Onderzoek 2016; Nijmegen

[ii] See http://europefixit.eu/a-straw-called-europe-the-ukraine-referendum/

Oekraïne referendum: goede redenen tegenstemmers

  • Lessen uit het kiezersonderzoek

De Radboud Universiteit Nijmegen deed na het referendum van 6 april 2016 een kiezersonderzoek. [i] Anders dan tegenstanders als Geen Peil propageerden, ging het de meeste tegenstemmers niet om protest tegen de EU of de Nederlandse regering. Het ging vooral om twee dingen: 34,1% van de tegenstemmers vond de Oekraïne te corrupt om een verdrag mee te sluiten, en 16,5% was bang dat het verdrag tot het EU-lidmaatschap zou leiden. Corruptie betekende dat men bang was dat Nederlands geld verloren zou gaan. Het is volgens mij een keurig onderzoek waarbij gebruik werd gemaakt van een vertrouwde aanpak[ii]. 2900 Huishoudens zijn gevraagd mee te doen, en er kwam een respons van 85%.

  • Wantrouwen jegens Oekraïne

Hoe moeten wij de uitkomsten interpreteren? In de eerste plaats dat wantrouwen een grote rol speelt. Het vertrouwen in Oekraïne is gering: 79% geeft Oekraïne een score van 4 of lager op een schaal van 10. Het vertrouwen in de Europese Unie ligt aanzienlijk hoger: 37% geeft een score van 4 of lager, 26% een score van 7 of hoger. Het hoogst is het vertrouwen in het Nederlandse parlement (26% een score van 4 of lager, 35% een score van 7 of hoger). Ook daarom is een tegenstem niet te zien als stem tegen de regering of de EU.

  • Goede inhoudelijke redenen

In de tweede plaats vind ik dat de tegenstemmers inhoudelijke redenen hebben genoemd die bepaald niet onzinnig zijn. Corruptie: De Oekraïne is erg corrupt, al wil het verdrag daar wat aan doen. Het is dus niet vreemd om te vrezen dat Nederlands geld daar verdwijnt. Het is immers waar dat veel EU-geld zelfs in oude lidstaten in bodemloze putten verdwijnt (vgl. Zuid-Italië dat al decennia massieve steun krijgt maar niet vooruit komt). Maar het is goed te weten dat Nederlanders corruptie een verwerpeloijk verschijnsel vinden. EU-lidmaatschap: Het EU-lidmaatschap is weliswaar niet in het verdrag aangekondigd, maar de Oekraïense president staat te trappelen en de EU heeft een echte “Willkommenskultur”, om Bondskanselier Merkel te parafraseren (art. 49 van het EU-verdrag maakt het mogelijk voor ieder Europees land het lidmaatschap aan te vragen). Als je ziet hoe het lidmaatschap van uiterst zwakke staten uit voormalige Joegoslavië geleidelijk en onder druk van sommige EU-leden tot stand komt, is het een goede reden om sceptisch te zijn over een Oekraïens lidmaatschap.

  • Helpt dit Rutte?

Premier Rutte zoekt een oplossing voor de negatieve uitslag van het referendum omdat de regering het verdrag niet wil afwijzen.[iii] Een van de gedachten is om een tekst toe te voegen die het EU-lidmaatschap uitsluit. Dat zou aan de tegenstemmers tegemoet komen. Maar hun hoofdbezwaar, de corruptie in de Oekraïne, daar valt nu geen antwoord op te geven.

[i] Het Oekraïne-referendum; Nationaal Referendum Onderzoek 2016; Nijmegen 2016

[ii] LISS-panel van CentERdata. ‘LISS’ staat voor Langlopende Internet Studies voor de Sociale wetenschappen.

[iii] Zie mijn blog Europa als strohalm, november 2016, europefixit.eu .